De Bond van Orkestdirigenten en Instructeurs (BvOI) is een belangen- organisatie voor dirigenten van blaasorkesten alsmede instructeurs van slagwerkensembles, drum- en showbands.

Doelstelling:

  • Belangenbehartiging van de leden en versterking van de onderlinge vriendschappelijke en collegiale band.
  • Bevordering en verbetering van de amateur blaasmuziek en de muziek van en voor drum- en showbands.

Door middel van drie hoofdpijlers werkt de BvOI aan haar doelstellingen:

1. Belangenbehartiging voor dirigenten

  • Fiscaal
  • Juridisch
  • Vacatures
  • BvO-bureau
  • BvO JONG

2. Educatie na- & bijscholing

  • Lichte muziekdagen
  • Repertoiredagen
  • Basisopleiding HaFaBra en gestemd/ongestemd slagwerk dirigent

3. Stakeholder

  • Koninklijke Nederlandse Muziek Organisatie (KNMO)
  • Wereld Muziek Concours (WMC)
  • Conductors Union Europe (CUE)
  • Raad van Advies

Lees hierover meer in het beleidsplan van de BvOI.

BvO-Jong

In de stelling dat het dirigentschap eigenlijk een eenzaam beroep is, vinden veel dirigenten in meer ofmindere mate herkenning. Op vakinhoudelijke vragen kun je vaak geen antwoorden vinden binnen je eigenverenigingen en op de vraag of je het goede doet is het antwoord niet zomaar gegeven. Collegae die je weleens antwoord of een inzicht kunnen geven ontmoet je vaak alleen op evenementen als festivals, concoursenof andere bijeenkomsten. Je spreekt elkaar even, maar de tijd om dieper op zaken in te gaan is er zelden.Zeker voor jonge dirigenten is het begin van hun zelfstandige carrière een zoektocht met diverse vragen enuitdagingen.

Daarom is de BvOI verheugd om het nieuwe platform te mogen introduceren: de oprichting van de BvO-Jong in 2016. De BvO-Jong is een netwerk van jonge dirigenten, die met elkaar in contact staan, en vormt daarmee een platform voor het geven van antwoorden en verkrijgen van inzichten op vragen en kwesties die nuonbeantwoord blijven. Door BvO-Jong komen jonge dirigenten met elkaar in contact en worden er lokaleverbindingen gelegd. Daarnaast worden de leden van BvO-Jong geïnspireerd en geënthousiasmeerd om zich te blijven ontwikkelen door middel van workshops, masterclasses en lezingen over onderwerpen die toepasbaar zijn in de dagelijkse praktijk van de jonge dirigent.

Behalve dat jonge dirigenten onderling bijdragen aan de ontwikkeling van het vakmanschap, vormt de BvO-Jong tevens een klankbord richting het bestuur en de overige leden van de BvOI om te laten weten welke onderwerpen en vragen er bij jonge dirigenten en in hun regio spelen. Op haar beurt kan het bestuur van de BvOI deze onderwerpen weer verwoorden in haar beleid en richting andere organisaties. BvO-Jong richt zich op de jonge dirigent die een actieve bijdrage wil leveren aan de ontwikkeling van zichzelf en aan de ontwikkeling van het vak. BvO-Jong richt zich in het bijzonder op dirigenten tot en met 35 jaar oud. Uiteraard houdt de ontwikkeling bij het bereiken van de 36-jarige leeftijd niet op.

De spin-off van BvO-Jong, zoals online activiteiten, workshops, bijeenkomsten en lezingen zijn interessant voor de overige leden van de BvOI en er wordt met de overige leden van de BvOI dan ook meermaals contact gezocht voor de uitwisseling van ervaringen en kennis.In de komende jaren wordt BvO-Jong in verschillende fases ontwikkeld. In de eerste fase staat de ontwikkeling van een lokaal netwerk centraal. Daarvoor wordt Nederland in 9 verschillende regio’s ingedeeld. Per regio is komt er één aanspreekpunt die de kar trekt voor wat betreft de ontwikkeling van BvOI op regionaal niveau. De ‘kartrekkers’ van BvO-Jong worden in een vroeg stadium betrokken bij de verdere opzet en doorontwikkeling.

Naast de contacten die lokaal en regionaal worden opgedaan, wordt er gebouwd aan een online netwerk. Dit kan op basis van bestaande infrastructuren en via het ledengedeelte van deze website.

De tweede fase van ontwikkeling richt zich vooral op online content die toegespitst is op vragen en onderwerpen die leven onder de leden van BvO-Jong. Dit kan in de vorm van (korte) reportages, interviews en verslagen van Best Practices.

In een derde fase worden er landelijke BvO-Jong-bijeenkomsten georganiseerd. Daarin worden bijscholingsprogramma’s, masterclasses of workshops georganiseerd die gericht zijn op de onderwerpen die in de eerste fase aan bod komen.BvO-Jong staat aan het begin van een veelbelovende ontwikkeling. BvO-Jong is een platform voor de jonge dirigent, waaraan ieder BvOI-lid kan bijdragen.

 

Basisopleiding HaFaBra en Slagwerk-dirigenten

Basisopleiding Dirigent Hafabra-orkesten en Ongestemd en Gestemd Slagwerkensembles

Na een succesvolle eerste cursus (2014 – 2017) start De Bond van Orkestdirigenten en Instructeurs (BvO) in september 2017 Wederom de Basisopleiding Dirigent Hafabra –orkesten en Ongestemd en Gestemd Slagwerkensembles. Tijdens deze driejarige opleiding wordt er een breed pakket aangeboden met theorievakken, praktijklessen en -stages. De opleiding wordt afgesloten met een openbaar eindexamen. De docenten verbonden aan de opleiding zijn: Hans Pastoor en Jan Bosveld (hafabra) en Henk Mennens en Anno Appelo (slagwerk). Daarnaast is Anne Peters coördinator van de opleiding en is Frank de Jong supervisor vanuit de BvO.

Opleidingstraject en vakkenpakket

De opleiding is onder te verdelen in drie leerjaren die lopen van september tot juli. Tijdens deze uitgebreide driejarige opleiding zullen de volgende theorievakken gedoceerd worden:

  • Algemene Muziektheorie
  • Solfège
  • Analyse van muziekwerken
  • Muziekgeschiedenis
  • Instrumentenleer blazers
  • Instrumentenleer slagwerk
  • Literatuur (geschiedenis van de blaasorkesten en slagwerkensembles)
  • Klank (-notatie)
  • Instrumentatie

Ieder leerjaar zullen er naast de theorievakken ook praktijklessen plaatsvinden door middel van repetitiebezoeken, stages en workshops door gastdocenten. In de eerste helft van het eerste jaar zullen dit snuffelstages zijn. Je gaat hierbij op bezoek bij een repetitie van een orkest of slagwerkensemble en observeert alleen. In de tweede helft van het eerste jaar zal er een eerste praktische les bij een orkest of slagwerkensemble plaatsvinden. Het eerste jaar wordt afgesloten met een overgangstheorietoets en een overgangspraktijktoets. In het tweede jaar worden er meer orkesten en slagwerkensembles bezocht zodat er veel ervaring in de praktijk wordt opgedaan. Ook tijdens het tweede jaar zullen er overgangstoetsen voor zowel theorie en praktijk plaatsvinden en worden er al enkele theorievakken afgesloten. Het derde jaar is vooral praktijkgericht. Er zullen veel praktische stages gedaan worden en er wordt veel aandacht besteedt aan instrumenteren. Tevens sluit je in het eerste deel van het laatste jaar alle resterende theorievakken af. Dit derde en laatste jaar wordt afgesloten met een openbaar eindexamen.

Kunstkeur

De Basisopleiding Dirigent is gebaseerd op landelijke richtlijnen en voldoet aan landelijk geldende kwaliteitseisen(voorheen raamleerplan). Deze opleiding heeft tevens, na visitatie van een auditor, het landelijke keurmerk van de stichting kunstkeur toegekend gekregen. Hierdoor is de opleiding erkend als officiële basisopleiding voor dirigenten. Wanneer studenten afstuderen aan deze opleiding kunnen ze handelen als zelfstandige dirigenten bij een orkest of slagwerkensemble in de jeugddivisie en lagere divisies. Voor de dirigenten die afstuderen aan de basisopleiding dirigent ongestemd en gestemd slagwerkensembles bestaat nadien de mogelijkheid middels auditie verder te studeren binnen de Post HBO opleiding Directie Slagwerkensembles aan het Fontys conservatorium te Tilburg.

 

Conductors Union Europe

De Nederlandse Bond van Orkestdirigenten en Instructeurs (BvOI) wil zich op drie vlakken sterk maken voor haar leden. Als belangenbehartiger voor haar leden op het gebied van arbeidsomstandigheden, als partner in educatie van dirigenten en instructeurs en als gesprekspartner met andere organisaties in de blaasmuziek. 

Niet in alle Europese landen hebben dirigenten zich op een dergelijke manier verenigd in een collectief dat op deze cruciale gebieden een belangrijke rol speelt in het versterken van het professionele kader voor de blaasmuziek. Daarom initieert de BvOI Conductors Union Europe (CUE). Deze nieuwe Europese organisatie voor dirigenten kan zich op internationaal niveau presenteren en op internationaal niveau, via het professionele kader, de blaasmuziek en haar dirigenten versterken.

CUE wil bijdragen aan:

  • De positie van de dirigent in aanzien en maatschappelijke waardering
  • Dirigenteneducatie, de verbeterde inhoud, kennis en kunde van de dirigent
  • Maatschappelijk functioneren van de dirigent, arbeidsvoorwaarden
  • Behoud en versterking van specifieke blaasmuziekcultuur binnen Europa
  • Uitwisseling van kennis
  • Stimuleren tot aanbieden of ontwikkelen van professionele dirigentenopleidingen via conservatoria op Bachelor en Master niveau
  • Stimuleren tot aanbieden of ontwikkelen van professionele vervolgcursussen
  • Het blijvend stimuleren van de amateur-blaasmuziekkunst in de maatschappij
  • Het promoten van hoogwaardige blaasmuziek voor elk niveau
  • Het stimuleren van jonge componisten tot het schrijven van hoogwaardige blaasmuziek voor elk niveau

CUE wil zich richten op dirigenten van blaasorkesten in Europa, die via dirigentenorganisaties van Europese landen door middel van een Europese belangenorganisatie voor dirigenten (CUE) aan deze doelstellingen een bijdrage willen leveren. In de loop van 2016 zal CUE via een eigen website te vinden zijn.

 

Historie Bond van Orkestdirigenten en Instructeurs

De Bond van Orkestdirigenten werd in 1928 door een aantal Amsterdamse dirigenten opgericht met als hoofddoel bescherming van het dirigentenvak. Aanleiding was dat het dirigentschap niet alleen door professionele musici werd uitgeoefend, maar vooral ook door onvoldoende opgeleide krachten die zich presenteerden als dirigent. Een eerste maatregel van de net opgerichte bond was de vaststelling van een eisenpakket voor vakbekwaamheid. Later, in 1933, werd het directiediploma hafadirectie door de BvO ingesteld. In 1982 zou dit diploma pas officiële rijkserkenning krijgen.

De landelijke conservatoria speelden daarop in door een hoofdvak hafadirectie in het pakket op te nemen met vrijwel dezelfde exameneisen als die van de BvOI. De noodzaak van een BvO-diploma werd hierdoor minder. Vanaf 1990 heeft de BvOI afstand gedaan van het BvO-directiediploma. Via het Staatsexamen kan men in het bezit komen van het directiediploma.

Omdat er in de vooroorlogse jaren nagenoeg geen opleidingsmogelijkheden waren voor het specifieke dirigentenvak, kwam Piet van Mever op het idee om een mondeling-schriftelijke directiecursus te ontwerpen om zo studie mogelijk te maken voor degenen die niet in de gelegenheid waren om een dagopleiding te volgen. De cursus bestond uit drie jaren gericht op theorie en een laatste, praktisch jaar. De Hilversumse uitgever Lispet was bereid mee te werken aan dit initiatief. De cursus werd, hoewel men er aanvankelijk sceptisch tegenover stond (‘hoe kan je nou schriftelijk dirigent worden?’), een enorm succes. Het aantal cursisten en geslaagden voor het BvO-diploma groeide gestaag. Huidig leider van de Lispetcursus is Gerrit Fokkema.

Voorzitters BvOI   
1928-1945 M.C. van de Rovaart
1949-1979 Piet van Mever
1979-1991 Jean Pierre Laro
1992-1998 Jaap Koops
1999-2002 Gerrit Fokkema
2002-2008 Henk Spaan
2008-2013 Gert Jansen
2013-heden Alex Schillings


In 1973 werd er een aparte Vakgroep Instructeurs van drum- en showbands aan de BvOI toegevoegd, eveneens om te komen tot een gekwalificeerd kader. Ook hier werd een BvO-diploma ingevoerd, waarmee een aanzienlijke kwaliteitsverbetering werd bereikt. De Vakgroep heeft enkele educatieve uitgaven op de markt gebracht. In 2002 werd de Vakgroep als zelfstandig orgaan met eigen bestuur opgeheven door een statutenwijziging. De activiteiten voor de instructeurs worden door een commissie voortgezet.

In het kader van de belangenbehartiging van de leden zijn tot stand gekomen:

- minimum basistarief per repetitie voor bevoegde dirigenten en instructeurs.
- modelovereenkomst voor dirigent of instructeur en verenigingsbestuur.

Een belangrijk resultaat van het werk van de BvOI, vanuit de doelstelling ‘bevordering en verbetering van de amateurblaasmuziek en de muziek van en voor drum- en showbands in Nederland’, is het initiatief om te komen tot een uniform puntenstelsel voor concoursen.

Sinds 1969 neemt de BvOI het inhoudelijke deel van de organisatie van de dirigentenwedstrijd van het Wereld Muziek Concours Kerkrade voor zijn rekening. Aanvankelijk leken de streng toegepaste toetredingscriteria (eisen van vakbekwaamheid) een ledengroei in de weg te staan, maar juist het tegendeel bleek. Omdat het lidmaatschap slechts mogelijk is na gedegen studie, wordt toetreding als een brevet van bevoegdheid beschouwd.

Doordat de BvOI uitsluitend leden telt die aan de aanzienlijke eisen van vakbekwaamheid voldoen, is de bond in Nederland een hoog gewaardeerde organisatie van de blaasmuziek- 
beoefening geworden. Nergens ter wereld bestaat er een zo groot kader van uitsluitend gekwalificeerde dirigenten en instructeurs. Dus is er geen land ter wereld met zo’n grote, onverdeelde dirigentenorganisatie.

Een uitgebreidere beschrijving van de historie van de BvOI is gemaakt door Joost van Beek, secretaris van de BvOI in de periode 1971-1997: BINGO (Blaasmuziek In Nederland Groei en Ontwikkeling) : deel 2 en 3.
Uitgave van Stichting Nederlands Instituut voor de Blaasmuziek (NIB) en het Repertoire Informatiecentrum Muziek (RIM).